redacteur klassieke muziekGepubliceerd op 14 juni 2026Leestijd 2 minHet was afgelopen week Bachweek in het Luthermuseum. Waarom juist deze week, is me een raadsel. De geboortedag van Johann Sebastian Bach is 21 maart, zijn sterfdag 28 juli. Een probleem is dat verder niet.

Van mij mag elke week Bachweek zijn.De Bachweek begon voor mij al goed op zondag. Tijdens de voorspeelmiddag van mijn pianoleraar speelden leerlingen Ich ruf zu dir en een preludium en fuga. Ook in de handen van amateurs weet Bach te ontroeren en te imponeren.Pianist en organist Hannes Minnaar heeft geluk, want voor hem worden de komende twee weken Bachweken.

Hij speelt in kerken door het hele land koraalpreludes uit Bachs zogenoemde Grote Orgelmis. Dinsdag hoorde ik hem repeteren op het orgel in de Waalse Kerk in Amsterdam. De noten stroomden stralend door de kerk. Hypnotiserend klonk het, dat ingenieuze lijnenspel van Bach.

Ik moest eigenlijk naar huis, maar wilde niet weg uit dit polyfone universum.3x3x3Dritter Theil der Clavier Übung, zoals het werk officieel heet, was een prestigeproject van Bach. Hij wilde daarin alle bekende muziekstijlen en compositietechnieken voor orgel bij elkaar brengen.

Hij schreef een preludium en een fuga en plaatste daartussen 25 andere stukken. Voornamelijk koraalpreludes, waarin eeuwenoude koralen verwerkt zitten. Bach speelde bovendien een ingewikkeld spel met het getal 3, dat staat voor de Heilige Drie-eenheid. 27 stukken: dat is 3x3x3.

Het enorme werk geldt nog altijd als het summum voor organisten.Toen het Nederlands Bach Consort Minnaar vroeg om dit werk te spelen, greep hij de kans om zich in Bachs grootste orgelwerk te verdiepen. In coronatijd reisde Minnaar grote kerken af om de Goldbergvariaties van Bach op piano te spelen, met de luisteraars op anderhalve meter afstand.

Een indrukwekkende belevenis. Nu dus dit orgelwerk en weer een tournee langs kerken. Hij noemt een opvallend verschil: de Goldbergvariaties zijn niet voor piano gecomponeerd, de piano bestond nog niet. De vertaling naar dat moderne instrument blijft lastig. Op orgel heb je dat probleem niet en dat is een heerlijk gevoel, zegt hij.Een breinbreker voor de organistHet hele werk is te omvangrijk voor een concert.

Je moet kiezen welke delen je gaat spelen. Sowieso de opening, het Preludium, en het slot, de vijfstemmige Fuga. Minnaar koos ook de grote zesstemmige koraalprelude Aus tiefer Not schrei ich zu dir. Vier stemmen in de handen, twee in de voeten, een ware breinbreker voor de organist.

Maar verschillende kleinere zettingen, die licht en elegant zijn, komen ook aan bod. En die zijn vaak het mooist, vindt Minnaar.Tijdens het concert zingt Het Nederlands Bach Consort de oude koralen op teksten van Maarten Luther. Maar het ensemble liet ook haiku’s maken, die deze oude teksten vertalen naar het nu.

Die haiku’s zijn op muziek gezet door internationale studenten van het Artez conservatorium. Zo ontstaat een veelzijdig concert, dat de eeuwenoude muziek en theologie naar het heden trekt.Een dag later kon ik alsnog naar de Goldbergvariaties luisteren. In het Concertgebouw speelden Julian Rachlin (viool), Sarah McElravy (altviool) en Boris Andrianov (cello) dit werk in de bewerking van Dmitri Sitkovetsky.

In deze versie voor drie strijkers – Bach zou goedkeurend hebben geknikt bij dit getal – zijn de verschillende partijen goed uit elkaar te houden, terwijl de homogene strijkersklank toch voor een eenheid zorgt. De drie musici waren zo goed op elkaar ingespeeld dat ze gedurende het werk boven zichzelf uitstegen.

In de laatste virtuoze variaties zweepten ze elkaar op, de allerlaatste variatie zongen ze als het ware uit volle borst.