Een groep Palestijnen en hun familieleden daagt de Nederlandse Staat voor de rechter om hulp af te dwingen bij hun vertrek uit Gaza, in een zaak die op 5 november 2026 naar buiten kwam. De betrokkenen zeggen toestemming te hebben om naar Nederland te komen, maar geen mogelijkheid te hebben om de Gazastrook daadwerkelijk te verlaten.

De kern van het geschil is de vraag of het verantwoordelijke ministerie hen bij dat vertrek moet helpen. Volgens de eisers is daarvoor slechts een kleine inspanning van de Staat nodig, en zou die hulp niet achterwege mogen blijven nu hun komst naar Nederland al is goedgekeurd.

Een van hen is Hamza, die zijn broer in Gaza verloor. ‘Als we de mogelijkheid kregen de situatie te verlaten, dan was dit niet gebeurd,’ zegt hij. Zijn verhaal staat centraal in het betoog dat niet het ontbreken van toestemming, maar de onmogelijkheid om Gaza uit te komen hen tegenhoudt.

De zaak draait om de verantwoordelijkheid van de Nederlandse Staat voor mensen die hij toestemming heeft gegeven naar Nederland te reizen, maar die de Gazastrook niet kunnen verlaten. Een uitspraak of zittingsdatum is niet bekendgemaakt.