Minister Tom Berendsen (Buitenlandse Zaken) en minister David van Weel (Justitie) hebben opgeroepen tot het ontslag van ICC-hoofdaanklager Karim Khan vanwege beschuldigingen van seksueel wangedrag. In een Kamerbrief van 16 juli 2026 schrijven de bewindspersonen dat zij de aanbeveling van het dagelijks bestuur van het Internationaal Strafhof steunen om Khan te ontslaan.

De beschuldigingen tegen Khan kwamen eind 2024 naar buiten. Hij werd in juni 2026 formeel geschorst nadat een toezichthouder van het ICC had geconcludeerd dat hij een relatie had met een advocate die voor hem werkte, wat leidde tot “seksueel contact zonder wederzijdse instemming”, zo blijkt uit documenten die in handen zijn van Reuters. Khan ontkent de beschuldigingen en verwijst naar een eerdere uitspraak van drie rechters dat er onvoldoende bewijs is.

Op 24 juli 2026 komen de 125 lidstaten van het ICC bijeen in New York om te beslissen over het lot van Khan. De ministers verwachten dat een meerderheid voor ontslag zal stemmen. Zij benadrukken dat Khan een “gezichtsbepalende” rol heeft bij het hof, waardoor wangedrag van zijn kant de reputatie van het ICC schaadt. Nederland zal voor ontslag stemmen.