De Britse minister van Buitenlandse Zaken Ed Miliband heeft het handelsverbod met Israëlische nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever verdedigd. Op 9 september 2026 zei hij "trots" te zijn op de maatregel, ondanks felle kritiek uit Israël en binnen het Verenigd Koninkrijk. Hij zei spijt te hebben van de reactie van Israël, maar bleef achter het beleid staan.

In een verklaring in het Lagerhuis beschuldigde Miliband volgens berichten ook Israëlische "terroristen" van etnische zuiveringen op de Westelijke Jordaanoever, met steun van de eigen regering. Waarnemers noemden de verklaring een van de belangrijkste van het jaar. De sancties richten zich op handel met illegale nederzettingen.

De maatregel stuit op verzet van onder meer de Britse opperrabbijn. Labour krijgt bovendien het verwijt dat het Joodse levens op het spel zet voor stemmenwinst, vlak voor een tussentijdse verkiezing waarin de partij concurrentie ondervindt van de Groenen. Miliband wees die beschuldigingen van de hand en noemde het verbod een principiële keuze.

De kwestie vergroot de spanningen over het Britse beleid ten aanzien van Israël en de Palestijnse gebieden. De regering heeft geen signalen gegeven dat zij de sancties wil intrekken. De uitspraken van Miliband maken duidelijk dat het onderwerp de komende weken een belangrijk punt van politiek debat blijft.