Justitieminister David van Weel ligt onder vuur in de Tweede Kamer nadat de Algemene Rekenkamer concludeerde dat hij Kamerleden een onjuist beeld heeft geschetst. De VVD'er is daarmee de eerste minister in het kabinet-Jetten die serieus in de problemen zit.

Volgens de Algemene Rekenkamer schetste Van Weel een ‘onjuist beeld’ aan de Kamer. Daarmee staat de positie van de bewindsman op het spel en draait de discussie in Den Haag om de vraag of hij iets onder het tapijt heeft geveegd. Liegen geldt in de Nederlandse politiek als een doodzonde voor ministers; de kwestie raakt dan ook direct aan de geloofwaardigheid van Van Weel in zijn verhouding tot het parlement.

De berichtgeving dateert van 24 september 2026 en gaat over de uitspraken van de minister tegenover de Tweede Kamer. Welk dossier of welke concrete informatie het onjuiste beeld betrof, is niet bekendgemaakt, en er is nog geen besluit over de politieke toekomst van Van Weel aangekondigd. Ook is nog niet duidelijk of Kamerleden een debat, een motie of andere gevolgen zullen eisen.

Van Weel is namens de VVD verantwoordelijk voor Justitie in het kabinet onder leiding van Dick Jetten. Hij is de eerste minister van dat kabinet die in ernstige politieke moeilijkheden komt, wat druk legt op het kabinet als geheel.