De Jemenitische Houthi-beweging claimde op 22 juli 2026 dat zij twee Saoedische olietankers in de Rode Zee had aangevallen, de eerste dergelijke aanvallen sinds de door Iran gesteunde groep een blokkade van Saoedi-Arabië afkondigde. De Saoedische autoriteiten hadden de treffers nog niet bevestigd.

Het Amerikaanse leger maakte tegelijkertijd bekend dat het een 12e opeenvolgende nacht van aanvallen op Iraanse militaire doelen was begonnen, op bevel van president Donald Trump. Het Pentagon stelt dat de campagne het vermogen van Teheran om de scheepvaart in de Straat van Hormuz te bedreigen, aantast.

De Houthi's zeiden dat de tankers hun blokkade van Saoedische havens schonden. De claims komen in een periode van verhoogde spanningen in het Midden-Oosten, waarbij de VS ook een nucleaire deal met Saoedi-Arabië heeft ondertekend, hoewel het tijdstip van die overeenkomst niet werd gespecificeerd.