Op 3 juli 2026 gaf het Gentse stadsbestuur groen licht voor de overdracht van 60 gemeentelijke gebouwen aan ontwikkelingsmaatschappij Sogent, een ongeziene vastgoedoperatie. Het college van burgemeester Mathias De Clercq besliste dat onder meer 't Kuipke, de Minardschouwburg, de Opera en de Floraliënhal van eigenaar veranderen.

De operatie kadert in een besparingsplan. Gent kampt met een schuld van meer dan €1 miljard uit vorige bestuursperiodes en moest €120 miljoen uit de jaarlijkse begroting halen. Door de gebouwen onder te brengen bij dochteronderneming Sogent vallen de hoge onderhouds- en renovatiekosten niet langer ten laste van de stad. Sogent mag de panden verkopen of in erfpacht geven om inkomsten te genereren voor woningbouw en andere projecten.

Ook het Vredeshuis, de Drongenhofkapel, het Industriemuseum, het Huis van Alijn en het MSOC-pand in het Gewad maken deel uit van de overdracht. Gent bezit in totaal ongeveer 600 gebouwen en wil er honderd afstoten; deze operatie betreft de eerste grote schijf. Het is deels een boekhoudkundige zet, omdat Sogent een stadsdochter blijft, maar het moet de financiële druk op de stad verlichten.