Op 17 juli 2026 maakte de Europese Commissie bekend dat bedrijven in Europa langer vervuilende stoffen mogen uitstoten. De beslissing valt in een periode waarin opnieuw bosbranden en hittegolven de regio teisteren, wat leidt tot scherpe kritiek van milieuorganisaties.
Eurocommissaris voor Klimaatactie Wopke Hoekstra verdedigde de maatregel als 'een absolute gamechanger' en benadrukte dat het geen knieval voor de industrie is. 'Als industrie vertrekt, verliest iedereen', zei hij, en stelde dat het doel is te voorkomen dat bedrijven buiten Europa gaan vestigen.
Het voorstel van de Commissie stuit op scepsis van klimaatactivisten, die het zien als een stap achteruit in de strijd tegen de opwarming van de aarde. Critici wijzen op de toenemende klimaatrampen als bewijs dat strengere, niet zwakkere milieuregels nodig zijn.
De precieze uitstootdeadlines zijn niet bekendgemaakt, maar de beslissing betekent een opmerkelijke verschuiving in het EU-milieubeleid. Hoekstra benadrukte dat de langetermijndoelstelling van koolstofneutraliteit overeind blijft, maar dat flexibiliteit op korte termijn nodig is om de Europese industrie concurrerend te houden.






